Feeds:
Posts
Comments

Posts Tagged ‘racisme’

iHitNews34_Koninklijk-kwakje_Nieuwe-Prins-Bourbon

UPDATE Hugo Klynstra, de buitenechtelijke, niet-erkende zoon van prins Carlos mag zich voortaan officieel prins noemen en de adellijke titels van zijn vader dragen. Dat heeft de Raad van State – de hoogste bestuursrechter in Nederland – vanmorgen besloten. De oudste zoon van prinses Irene (de zus van prinses Beatrix) heeft zich altijd fel verzet tegen het verzoek van zijn inmiddels 21-jarige zoon.”
Algemeen Dagblad 28/2/2018

[iHitNews nummer 34, by Tjebbevan Tijen]

Het gedoe met erfelijke adelijke titels en bijkomende voordelen die er nog steeds aankleven – van ambten, toelagen en producten van oppertune ijdelheid – is een anachronisme in de 21ste eeuw. De hele idee van uitzonderlijke status door afkomst, ‘blauw bloed’ (2), is even absurd als zou er in de natuur ‘blauw zaad’ bij het beestensoort mensen bestaan. De hele affaire begonnen met wat als een ‘slippertje van de man’ en een ‘kindwens van de vrouw’ (waren zij beiden katholiek en gebruikten ze daarom geen condoom, of was zij tegen de pil?) wordt afgedaan. Het legt de grondwettelijke dwaasheden van de Staat der Nederlanden bloot, waarbij afstamming en niet gebleken bekwaamheid,  toegang geven tot  een door de hele gemeenschap middels belasting gefinancierde constellatie met een monarch, een Koninklijk Huis en een nooit eindigende schare van met ‘blauw kwakjes’ en ‘blauw eitjes’ verwekte prinsen en prinsessen.

Wie een poging doet om de overwegingen van de Raad van Staten te volgen en doorgronden die tot deze verheffing in de adelstand geleid hebben leze dit:

Uitspraak 201609884/1/A3

Datum van uitspraak: woensdag 28 februari 2018
Tegen: de minister van Veiligheid en Justitie
Proceduresoort: Hoger beroep
Rechtsgebied: Algemene kamer – Hoger Beroep – Overige
ECLI:

ECLI:NL:RVS:2018:680


(1) blauwkwakje = sperma van een man met een overerfbare adelijke titel; ook gebruikt voor nakomelingen van houders van een adelijke titel

(2) Het Genootschap Onze Taal weet op hun web-site dit te melden over de herkomst van het begrip ‘blauw bloed’:

De uitdrukking blauw bloed hebben betekent ‘van adel zijn’.

De precieze herkomst van deze uitdrukking is niet duidelijk. De meeste naslagwerken geven aan dat ze terug te voeren is op de middeleeuwse Spaanse aristocratie. Tijdens de Moorse overheersing (800-1500) werden er veel gemengde huwelijken gesloten, waardoor er veel kinderen met een donkerdere huid geboren werden. De weinige (aristocratische) families die hun blanke huid konden ‘bewaren’, waren erg trots op het ‘blauwe bloed’ (sangre azul) dat bij hen zichtbaar was (bijvoorbeeld in de aderen bij de polsen). Dit gaf immers aan dat hun bloed niet vermengd was met dat van andere volkeren. Het is dus mogelijk dat blauw bloed iets als ‘van ongemengde afkomst’ betekende en pas later specifiek op de adel betrekking heeft gekregen. De naslagwerken zeggen echter niets over zo’n betekenisverschuiving.

Vermoedelijk is de uitdrukking via het Engelse blue blood in de negentiende eeuw in het Nederlands terechtgekomen. De Engelse online-encyclopedie Wikipedia meldt dat blauw bloed in heel Noord-Europa gebruikt werd om mensen uit de hogere klassen mee aan te duiden. Doordat zij niet buiten werkten, werd hun huid niet gebruind door de zon en bleef de blauwachtige kleur van hun aderen duidelijk zichtbaar door de huid heen. Dit verhaal wordt echter nergens anders vermeld.

Het is nog een hele reeks andere verklaringen zoals die van een mythische bevruchting van de moeder  de latere Frankische stamvader en koning Merovech die tijdens het baden bevrucht zou zijn door een ‘Quinotaur’ een vijfhoornig zeemonster in de vorm van een stier of bok met een vissenstaart, wat de associatie met het blauw van de zee die tot in het bloed doordrong gegeven moet hebben. Weer een andere uitleg is dat de kleurstof blauw voor het verven van kleding zeldzaam was, daardoor duur en voorbehouden aan hen die zich ten koste van anderen wisten op te werken tot ‘betere standen’.

Mij lijkt de ‘sangre azul’ een aannemelijke verklaring, de zichtbaarheid op witte huid van blauwe dooradering. Waarmee de term ‘blauw bloed’ zowel in de categorie van ‘klasse-symbool’ als ‘rassen-symbool’ valt en daarmee een discriminatoire lading heeft.

De humoristische columnist bij het Spaanse blad El Mundo publiceerde in april 2009 een aardig artikel over ‘sangre azul’: “LOS MONARCAS SE RECLUYEN PARA NO ACCIDENTARSE” (Monarchen zonder zich af om zichzelf niet te verwonden) waarbij de aanleiding van zijn artikel een krantenbericht is over een bezoek aan de Zuidpool van een lid van het vorstenhuis van Monaco en de grote risico’s die dat vorstenhuis zo loop, omdat mocht deze monarch gewond raken er een ernstig gebrek is aan ‘blauw bloed’ en het Rode Kruis ook spreekt over een zorgwekkende situatie wat betreft de beschikbaarheid van dit bloedtype, mede doordat modern ingestelde leden van koninklijke huize vaker burgerlijke huwelijken aangaan waarmee de potentiële voorraad van kwalitatief hoogwaardig blauw bloed afneemt.

AMSnote6233.01

 

Read Full Post »

Ik lees net de tekst van het Zwartboek Carnaval op de website van het PVV, met op pagina 21 deze in forse taal gestelde eind conclusie:

 “Dit zwartboek is, zoals in de inleiding reeds gesteld, primair een pleidooi om het carnaval te marginaliseren. Naast het feit dat de buigingen voor dit katholieke ritueel de katholisering versterkt, kost het de samenleving handen vol geld en raakt het tal van maatschappelijke terreinen op een zeer negatieve wijze.

Extra politie-inzet, enorme overlast en geweld, het aanpassen van cao’s aan het carnaval, fors stijgend ziekteverzuim, lessen die uitvallen, scholen die de deuren sluiten, pleidooien nationale feestdagen in te ruilen of op te schuiven voor het carnaval, katholieke militairen waar andere eisen aan gesteld worden, regels omtrent openingstijden die worden aangepast door gemeenten, ziekenhuis- en ander zorgpersoneel dat speciale instructies opgelegd krijgt in verband met hossende katholieken, katholicisme-promotende staatstelevisie en honderdduizenden euro’s aan belastinggeld dat verspild wordt aan carnaval-evenementen en carnaval drinkgelagen die enkel gewenst zijn door een opdringerige multiculturele wensdroomelite.

Nederland is geen katholiek land en dient dat nooit te worden.

De PVV pleit ervoor totaal te stoppen met gesubsidieerde katholieke drinkgelagen en katholieke-evenementen, scholen te verbieden dicht te gaan tijdens het carnaval, geen katholieke propaganda meer op de staatsomroep, de kosten van extra politie- inzet te verhalen op het carnaval-tuig, geen speciale behandeling van katholieke militairen tijdens het carnaval en nooit en geen enkele nationale feestdag in te ruilen voor het carnaval.”

Gelijke monniken, gelijke kappen, zo is het devies van de PVV, zo kwam er afgelopen zaterdag ook een andere publicatie uit die de navrante invloed van een andere godsdienst op het Nederlandse  volk onder de aandacht brengt: ZWARTBOEK RAMADAN. Deze publicatie is eveneens beschikbaar op de web site van de PVV in PDF formaat:
http://www.pvv.nl/images/stories/Zwartboek_Ramadan_PVV_2012.pdf

Ook wordt in welingelichte kringen gerept over een mogelijk “Zwartboek Koninginnedag” waar de uitwassen van de massaal nationaal beleden ‘oranjelol’ aan de kaak gesteld worden. Het lijkt zo te zijn dat delen van het partijkader zich tegen de inhoud van dit rapport – dat al in concept voorligt – verzet omdat de idee van het primaat van de ‘traditionele nationale feestdagen’ daarmee niet te rijmen zou zijn. Liederlijk gedrag tijdens de zogenaamde Koninginne-nachten in diverse steden, zou te tolereren zijn omdat het het doel van ‘nationale eenheid’ dient. Termen als ‘dronken-christentuig’ zouden electoraal niet te verkopen zijn, zelfs afzwakkingen als ‘baldadige jeugd’, zouden bij het jonge electoraat problemen kunnen opleveren. Of traditionele feestelijkheden van andere religieuze gemeenschappen ook door de PVV onder de loep genomen zijn, is niet bekend.

————–
NASCHRIFT
Het blootleggen van een argumentatie door een gehanteerd begrip of een reeks van bij elkaar horende begrippen te vervangen door een ander, is een vaak gebruikte methode. Bij Wilders is die al vaak toegepast, met name door in plaats van het begrip ‘moslim’ dat van ‘jood’ te zetten. Daar komen dan vaak weer reacties op waarbij de historische context van de Holocaust te zwaar beladen is om zulk een vergelijking te maken, dat Wilders niet eenzelfde kwaadaardige vernietiging van een door geloof geduide bevolkingsgroep voorstaat. (1) Dat moge zo zijn, maar de ‘omkering’ (‘détournement’ in het Frans) blijft toch een waardevolle methode om in goed gekozen vergelijkingen de waarde van een argumentatie te meten. De Nederlandse Grondwet is in mijn voorbeeld uitgangspunt geweest en dan wel de eerste zin van artikel 1:

Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld.

Nu lijkt mij de vergelijking Ramadan Carnaval een voorbeeld van bijna “gelijke gevallen.” Het Suikerfeest is een feestelijke afsluiting van de vastentijd (Ramadan) en de Carnavalsdagen eindigend met Aswoensdag zijn het begin van de Christelijke vastentijd die nu nauwelijks nog gevolgd wordt, maar ooit duurde tot Pasen (40 dagen). Beide feestelijkheden gestuurd door een ‘maankalender’. In de tekst van Wilders wordt het Suikerfeest vele malen genoemd en dan vooral met de daaraan toegemeten uitspattingen van Marokkaanse jongeren (zonder dat duidelijk gemaakt wordt of aan de beschreven relletjes wellicht ook niet Marokkaanse en niet moslim-jongeren deelnemen. (Zou dit het geval zijn dan veranderd immers het perspectief en is het meer iets als wat ooi deelname van ‘nozems’ aan ‘luilak baldadigheid’ was).

Zo het Suikerfeest voor het grootste deel een mooi feest is met wat baldadigheid uitwassen, zo kan dat misschien ook gezegd worden van het carnaval; alhoewel de hoeveelheden alcohol en andere middelen die moderne carnavalvierders weten te verwerken wellicht meer wangedrag produceren dan het consumptiepatroon van jonge suikerfeestgangers.

Behandelen wij deze ‘gelijke gevallen’ op ‘gelijke wijze’ dan mogen woorden gerelateerd aan de Ramadan wel degelijk vervangen worden door woorden gerelateerd aan het Carnaval, om de argumentatie van Geert Wilders c.s. te testen.

(1) Discussie De Winter/Wilders waarbij in een tekst van Wilders het woord moslim door Joden vervangen werd: “Ik heb genoeg van het jodendom in Nederland: geen joodse immigrant er meer bij. Ik heb genoeg van de aanbidding van hun god in Nederland: geen synagoge er meer bij. Ik heb genoeg van de Tenach in Nederland: verbied dat fascistische boek.” Een discussie die o.m. in de toenmalige De Pers liep en nu nog terug te vinden is op de website Sargosso.

Read Full Post »

Lokjoden, lokhomo’s, als jood of als homo verklede politie-agent-provocateurs die hierdoor aangetrokken joden- en potenrammers in de kraag gaan grijpen. Recente  voorstellen (*) voor Amsterdam met positieve discriminatie als doel, maar in mijn visie zijn het middelen die het doel in de verkeerde richting voorbijstreven. Ook zwaardere straffen voor geweld tegen homo’s behoren mijns inziens tot de categorie van middelen die niet in overeenstemming zijn met het uiteindelijke doel: gelijkwaardigheid van alle mensen. Dat gaat ook op als er gestraft moet worden.

Marcouch wil dat de politie daadkrachtig optreedt tegen daders van antisemitisch geweld. "Ik vind dat je alles moet doen om die etters, die kwelgeesten, die criminelen te pakken." De PvdA'er reageert hiermee op berichten dat joden in sommige Amsterdamse stadsdelen zich niet meer veilig voelen op straat met een keppeltje op. Klik beeld voor link naar artikel op de web site van Amsterdamse lokale televisie AT5.

Ooit waren uiterlijke kenmerken van het tot een maatschappelijke groep behoren van overheidswege opgelegd. Het koloniale bewind van de Hollanders hield – bijvoorbeeld – middels strenge kledingvoorschriften controle over miljoenen onderdanen in Oost-Indië. Inlander, Chinees, Indo en raszuivere Hollanders konden zo keurig op geruime afstand onderscheiden worden door hun kleding en daarmee gemakkelijker in het gelid gehouden worden. Apartheid is niet voor niets een Hollands woord en ergens dringt dit  uiterlijk en ruimtelijk gescheiden houden van religies, rassen, klassen  en standen, voortdurend in de ‘vaderlandsche’ geschiedenis door: van half verborgen schuilkerken voor niet staats-protestante christenen, tot stegen en sloppen voor de armen net even apart van de grachtenhuizen voor de rijken, van bewaakte asociale dorpen in Amsterdam-Noord tot burgerwijken in oud-Zuid. Segregatie ook in het huidige Amsterdam van Buitenveldert tot Bijlmer, van Grachtegordel tot De Baarsjes.

De relatieve onzichtbaarheid – op straat – van het tot een gemeenschap behoren, in de moderne verstedelijkte samenleving wens ik als een emancipatie te zien. De tegenbeweging met haarbedekking voor vrouwen en geloofsduidende hoedjes en petjes voor mannen lijkt gelijke tred te houden met ander uniformgedrag van neo-punkers tot oranjefans. Als de lokale politie hier zich nu opzichtig als homoachtige homo of  joodachtige jood gaat verkleden om, met deze stereotypen een stereotype reactie uit te lokken, bij een doelgroep die door de vele bestraffend wijzende Hollandse vingers in hun ghetto gehouden worden (de Marokkaanse jongeren), dan vind ik dat een handelen dat van een onbeschrijfelijk gebrek aan inzicht getuigt. Uitlokking genereert en bevestigt geweld. Dat dit soort onbezonnen voorstellen ook nog eens een functie van populariteit bevorderende maatregelen voor bepaalde politici hebben maakt het nog eens te meer kwalijk.

Verbetering van hoe wij met elkaar omgaan is niet met dit soort ‘stereotype hypes’ gediend. We kennen de overgeleverde slogans: ‘ze moeten wel met hun poten van onze rot-joden afblijven’ en een enigszins positief bedoeld ‘onze rot-marokkanen’ bestaat ook al enige jaren (uitspraak toebedeeld aan Pim Fortuyn, die er – anders dan Wilders – bij zei dat het daarom ook “ons probleem” was); zo dient een ieder ook met zijn poten van onze ‘rot-poten’ af te blijven. Maar zulke op een gespleten karakter wijzende half-goedbedoelde-leuzen waren en zijn onvoldoende.

Het zijn ‘onze rot-Hollanders’ die maar niet in het reine wensen te komen met hun eigen ‘rot-geschiedenis’ die deel van het probleem zijn, maar het niet van zichzelf willen weten. Als nu eens in plaats van de oranje gekleurde ‘fata morgana’s’ van nationalistische geschiedenis interpretaties en het “Nederland kan het weer! Die VOC mentaliteit…” (Balkenende, 2006), een omslag in het begrijpen van het verleden van dit land zou plaats vinden, dan was daarmee tevens een basis gelegd voor een andere opvoeding en scholing van ‘onze jeugd’, ongeacht hun af- en herkomst. Als de ‘huichelhollander’ het onaangenaam verleden gemaakt door vorige generaties – waarvoor hij/zij zelf niet verantwoordelijk gehouden kan worden – gewoon onder ogen zou zien en dit onverbloemd voor zichzelf en aan de jeugd duidelijk zou weten te maken, dan komt er ruimte voor een mentaliteitsomslag. Leren, uitleggen, begrijpen, hoe joden en homo’s hier in de loop van de geschiedenis in de de verdrukking zijn gekomen, tot aan de onaangename details van registratie, concentratie en deportatie van de meeste Nederlandse joden met medewerking van Nederlandse autoriteiten en joodse notabelen die dachten het onheil te kunnen keren, tijdens de Duitse bezetting. Onder ogen zien hoe de eerste generatie na-oorlogse gastarbeiders hier binnengehaald werden op vrijwel gelijk wijze als de Chinese, Javaanse en Hindoestaanse ‘koelies’ in de nadagen van het Nederlands koloniaal stelsel naar Suriname werden gehaald. Arbeiders die hier decennialang bijgedragen hebben aan de groeiende welvaart en waarvan werkgevers en autoriteiten dachten dat ze even onopvallend als ze binnengehaald werden wel weer zouden verdwijnen. Ik zie nog voor mijn ogen de spandoeken van gastarbeiders-demonstraties op het einde van de zeventiger jaren toen de conjunctuur langzamerhand terug begon te lopen met leuzen als “Wij willen werken”, iets wat Geert Wilders (1963-) geweten had kunnen hebben als hij als tiener zijn ogen had opengehouden.

"Hoe het begon, de vele gezichten van Marokkaans Nederland", een reeks documentaires van de NOS waarin een onthullende oude Polygoon reportage uit 1969 over het ronselen van arbeiders op contract door de Nederlandse regering in Marokko is te zien... de hele serie zou vast onderdeel dienen te zijn van de geschiedenisles op Nederlandse middelbare scholen. Klik plaat om naar de on-line versie van deze videos te gaan.

Als ook de vensters van de ‘national geschiedenis canon‘ vermeerderd worden en de versluierende vitrages weggetrokken worden, opdat massamoord, slavenhandel en tal van vormen van koloniale exploitatie en lokale uitbuiting in zijn volle omvang begrepen kunnen worden, dan is dat de voedingsbodem waarop het zaad van een minder gewelddadige samenleving gezaaid kan worden, waarmee jonge generaties Marokkanen en wie er nog meer behoefte aan hebben tot andere gedachten gebracht kunnen worden. Daarmee en daardoor wordt een leraar – van lagere school tot MBO – in staat gesteld om de Holocaust in een begrijpelijk geheel van gebeurtenissen te plaatsen; dan kan ook de complexe geschiedenis van de Maghreb, de Arabische veroveringstochten, het Ottomaanse rijk, het Franse en Spaanse kolonialisme, de regionale tegenstellingen en het ontstaan van het conflict in het huidige Midden Oosten, begrijpbaar en bespreekbaar gemaakt worden. Ook hier is veel onverkwikkelijks te melden niet enkel ov er de vestiging van de staat Israel en onteigening en ontheemding van de Palestijnen, maar eveneens de tumulteuse Noord-Afrikaanse geschiedenis. Ook daar ligt er een verhullende sluier over het verleden.

Wie de tentoonstellingsagenda van de laatste vier decennia van het Amsterdamse Joods Historisch museum en het Amsterdams Historisch Museum (AHM) kent, weet dat deze door de gemeente gesteunde culturele en educatieve instellingen niet of nauwelijks bij machte geweest zijn om  bovengeschetste onderwerpen tot het centrum van een kritisch debat te maken (buiten de uitzondering die gemaakt kan worden voor het onderwerp van homoseksualiteit in het AHM). Met name het Joods Historisch Museum is de grote afwezige als het gaat om deelname aan een bestaand maatschappelijk debat bij de keuze van haar tentoonstellingen. Waarom niet het anti-joodse sentiment  bij (een deel van) de Marokkaanse jeugd tot een museum-presentatie of project gemaakt?  Waarom is de tragedie van Amsterdam, de constructie van het joodse ghetto, de bureaucratie van de Joodse Raad en het falen van het verzet ertegen niet ter lering en als waarschuwing, in een permanente opstelling in meerdere talen, te zien in dit museum, een verhaal dat dieper graaft en verder durft te gaan dan dat wat nu in het toeristisch lokkertje van het Anne Frankhuis aan verhullen verhaal te zien is?

Een tastbaar monument voor eigen historisch onvermogen zou deze stad sieren. Dat is pas dapper. Daarmee en daardoor valt uit het verleden te leren. Niet het sprookje over ‘Amsterdam die tolerante stad’ die nooit bestaan heeft. Zulk een zelfkritische presentatie zal iedereen zo ver uit de eigen tent weten te lokken dat we elkaar weer recht in de ogen kunnen kijken en op voet van gelijkheid met elkaar over heden en verleden kunnen spreken. Dat is geen politie en justitie taak, dat is een culturele taak, het wordt tijd voor  voor LOKHOLLANDERS TEGEN GEWELD met acties  ter verlokking van de Marokkaanse en alle andere jeugd.

Een reeks iconen met stereotypen, waarvan ik de precieze bron nog niet heb kunnen vinden, maar waarbij het vrijwel zeker gaat om 'teenagers stereotypen'. Het zou goed zijn als een jong talent eens in dergelijke reeks van stereo-typen voor Nederland/Amsterdam zou maken. Vereenvoudigde, schematische beelden zoals die nu bij teenagers bestaan. De benoeming van Marokkaanse jongeren en dan met name Marokkaanse jongens als 'straat-terroristen' (Wilders, 2009/210) is op zich net zo'n stereotype.

====
(*) Recente voorstellen lokhomo’s en lokjoden  info & links:

http://www.parool.nl/parool/nl/5/POLITIEK/article/detail/300523/2010/06/21/Asscher-voelt-voor-inzet-lok-Joden.dhtml

– Omdat dit artikel in de Elsevier van 19 juni2010 enkel gedeeltelijk on-line staat, citeer ik hier in extenso de formulering van René van Rijckevorsel (plaatsvervangend hoofdredacteur van Elsevier) “Is geweld tegen joden en homo’s soms normaal?.”  Voor mij getuigt de hieronder gevoerde redeneertrant van een te nauwe focus op een deelprobleem, waarbij dan weer een deeloplossing aangedragen wordt, die meer problemen zal veroorzaken dan oplossen. Dit terwijl de onderliggende fundamentele vraag onbeantwoord blijft, wat dan wel de Nederlandse samenleving is, waaraan als buitenstaanders voelende en behandelde groepen, aangepast dienen te worden. Mij bekruipt een huiver ook door het geciteerde taalgebruik van de heer Marcouch: “Deze jongens hebben een speciale behandeling nodig. Ze moeten geknipt en geschoren worden, voordat ze weer op straat staan.”

"Moffenhoer" behandeling van een vrouw met een Duits liefje op 8 mei 1945 in Amsterdam: kaalgeknipt en geschoren en met pek ingesmeerd en gedwongen voor de foto de Hitlergroet te brengen. Een voorbeeld van hoe snel bij een machts- en rolomdraaiing de strafhandeling verwordt tot een spiegelbeeld van wat verafschuwd werd..

“Geknipt en geschoren”, voor mij zijn dat een hele reeks beelden: ‘bijltjesdag’ waarbij een niet geheel koshere menigte de liefjes van Duitse soldaten op straat kaalscheren; militair geleide heropvoedingsgestichten voor straatbengels zoals beschreven in de jeugdromans van  ‘Pietje Bel’ tot ‘Willem Roorda’; dorpsgerichten op het Italiaanse platteland in de zestiger jaren waar hippies (cappelloni) de haren afgeknipt  werden… Zulke beelden vliegen zo snel door je hoofd en laten zich zo traag opschrijven en lezen, dat ik nu verder René van Rijckevorsel aan het woord laat:

“Verontwaardiging
Terwijl Geert Wilders door heel politiek correct Nederland wordt gekapitteld voor zijn generieke opvattingen en ongenuanceerde uitlatingen over moslims, is er relatief weinig publieke verontwaardiging over de wijze waarop jonge Marokkaanse Nederlanders in de publieke ruimte redelijk ongestoord hun antisemitisme kunnen botvieren.

Maar wat Marokkaanse Nederlanders denken en zeggen over joden, gaat nog een tandje verder dan wat Wilders beweert over moslims. Overigens heeft die nooit gezegd dat álle moslims Nederland uit moeten, zoals tegenstanders zijn woorden uitleggen, hij had het over criminele moslims en ‘straatterroristen’ met dubbele nationaliteit.

Vinexwijk
Niet alleen joodse Nederlanders hebben het steeds zwaarder te verduren. Het is met de dag onveiliger om ostentatief als homo over straat te gaan in wat ooit de ‘gay capital of the world’ was. Of om als homostel in vinexwijk de Leidsche Rijn in Utrecht te wonen. Twee mannen zijn er uit hun koophuis getreiterd door Marokkaanse jeugd. Er is nog niemand gearresteerd, omdat er niet genoeg bewijs is, aldus burgemeester Aleid Wolfsen (PvdA).

De onrust over het toenemende anti-homogeweld leidde afgelopen zondag tot een spontaan protest bij het homomonument in de schaduw van de Amsterdamse Westertoren. In aanwezigheid van het nieuwe PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch kwamen honderden demonstranten bijeen.

Behandeling
Marcouch wond er geen doekjes om: ‘Deze jongens hebben een speciale behandeling nodig. Ze moeten geknipt en geschoren worden, voordat ze weer op straat staan.’ Hij wees erop dat er geen hek om Nederland staat, daarbij degenen aansprekend die de vrijheid en tolerantie blijkbaar niet kunnen verdragen. Later in de week bepleitte hij zelfs het inzetten van ‘lokjoden’.”

bron = http://www.elsevier.nl/web/Opinie/Commentaren/268375/Is-geweld-tegen-joden-en-homos-soms-normaal.htm#

Read Full Post »