Feeds:
Posts
Comments

AMSnote7337.02

Op 4 mei 2020 sprak koning Willem Alexander op een lege Dam een korte toespraak uit bij de jaarlijkse Dodenherdenking die dit jaar – om reden van corona-virus-besmettingsgevaar zonder publiek. Voormalig verzetskrant (in een ver verleden) Het Parool plaatste op de (digitale) voorpagina van de krant vlak erna een foto van Willem Alexander van dat moment op de Dam met de kop:

“Koning Willem-Alexander kritisch op rol Wilhelmina in oorlog”

De volledige tekst van de toespraak nalezend is hier de opstap naar wat Het Parool als ‘kritiek’ kenmerkt. Willem Alexander steunt bij zijn betoog op de herinneringen van Holocaust overlever Jules Schelvis (1921-2016) die als jongeman leven uit Kamp Sobibor terugkwam:

Wat ik me ook herinner, is zijn verslag van wat er aan de reis voorafging. Na een razzia werd hij samen met zijn vrouw en vele honderden anderen weggevoerd naar station Muiderpoort. Ik hoor nog zijn woorden: “Honderden omstanders hebben zonder vorm van protest toegekeken hoe de overvolle trams, onder strenge bewaking, voorbij reden.” 

Dwars door deze stad. Dwars door dit land. Voor de ogen van landgenoten.

Willem Alexander vervolgt even later – impliciet terugverwijzend naar deze passage – en na een passage over heldenmoed van verzetsstrijders:

Maar er is ook die andere realiteit.

Medemensen, medeburgers in nood, voelden zich in de steek gelaten, onvoldoende gehoord, onvoldoende gesteund, al was het maar met woorden. Ook vanuit Londen, ook door mijn overgrootmoeder, toch standvastig en fel in haar verzet. Het is iets dat me niet loslaat.

Meer zegt hij niet. Wat is nu zijn kritiek op zijn grootmoeder Wilhelmina, het blijft raden….

Zou hij uiteindelijk dan toch Nanda van der Zee (1951-2014) haar boek gelezen hebben uitgegeven in 1997 “Om erger te voorkomen”?  Het boek gaat dat gaat over het vertrek van Koningin Wilhelmina en het voltallige kabinet naar Engeland, en de gevolgen die dit had voor het landsbestuur, de mate van collaboratie van Nederlandse ambtenaren en de hieruit voortvloeiende hachelijke positie van onder meer de Joden in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.

AMSnote7337.01
Reden voor mij om een zes jaar geleden in memoriam voor Nanda van der Zee opnieuw on-line te plaatsen, omdat haar destijds – 1997 – zeer slecht ontvangen kritiek op de rol van koningin Wilhelmina wellicht nu eindelijk een herwaardering kan krijgen. Ik plaats die tekst uit 2014, in de vorm waarin ik deze (onaf en wel) achterliet. Er staat genoeg in (ondersteund met worldcat.org links naar alle genoemde publicaties) om te kunnen bijdragen aan – na 75 jaar vertraging – een voortschrijdend inzicht over de werking van de vernietigingsmachinerie an het Derde Rijk en het brede scala van accommodatie tot collaboratie, niet enkel van fanatieke en wrede fascisten en Nazis maar ook van nette Nederlandse beambten, bestuurders en gezagsdragers.



Nanda van der Zee: In Memoriam 1951-2014 ~ historica met een ander geluid over de jodenvervolging in Nederland (een tekst in beweging)
[NB dit is een curieus geval… waarbij ik een tekst plaats… die maar niet tot een einde wil komen… dat is niet verbazingwekkend voor hen die de controverses rond Nanda van der Zee kennen… ik heb zeker positieve gevoelens over een deel van haar werk, maar wil ook niet nalaten mij tegenwinds nogmaals door de storm van kritiek te worstelen op haar kernboek “Om erger te voorkomen”, alsook de deels onwelgevallige ontvangst van haar biografie over Presser… nu had ik domweg dit tableau en zijn tekst kunnen weghalen zolang ik niet klaar was, maar door de bijzondere tragische omstandigheid van haar al te vroege dood afgelopen week, is dat iets dat ik liever niet wil doen, omdat de belangstelling voor een verleden persoon juist in de dagen erna is… Hier staat dus – dat kan in onze digitale tijd – een tekst die nog in beweging is… inclusief de eerste notities

Impulsief geschreven tekst van gisteren (27/3/2014); nu ligt er een stapeltje notities naast mijn toetsenbord en dien ik mijn betoog wat meer uit te breiden… en met citaten te verduidelijken (heb het omstreden boek van Nanda, nogmaals door gelezen). Later vandaag (30/3/2014) is de definitieve tekst wel klaar (de doden hebben in ieder geval geen haast); ik laat toch deze tekst hier staan, de eerste opwelling blijft de basis. tj.]

NANDA VAN DER ZEE overleden lees ik een uurtje terug (1) en dat kwam als een schok… (62 jaar pas, als gevolg van een ongeval met complicaties; van van een trap) nog maar enkele dagen terug noemde ik haar naam aan de ontbijttafel… “moet toch eens contact met haar zien te krijgen”… ben al sinds lang een kritisch bewonderaar van haar werk als historica over de Jodenvervolging en hoe de Nederlandse autoriteiten vergaand verwikkeld raakten in ‘die Entlösung’. Zij was als een leerlinge van Jacques Presser (1899-1970) hoewel zij hem nooit ontmoette. Over hem schreef zij ook een mooie biografie, gebaseerd op zijn geschriften, correspondentie en interviews met mensen die hem wel gekend hadden.

Haar visie – gepubliceerd in het jaar 1997 – op de vlucht van de koninklijke familie tijdens de Duitse inval en het onvermogen van Wilhelmina en haar regering om het verzet tegen de jodenvervolging te stimuleren en alle catastrofale gevolgen van die halfslachtigheid, was omstreden. Omstreden bij de ‘staatse historie-makers’, verfoeid door de dwepers met het Huis van Oranje, gehaat door het naoorlogse joodse establishment dat een echt diepgaande analyse van het eigen desastreuze verleden het liefst uit de weg gaat.

Mij sprak dat boek aan omdat eigen onderzoek over de jaren, met name over de verdwenen Amsterdamse Jodenbuurt, mij in een zelfde richting had gestuurd. Dit vooral omdat zij hierin niet enkel een aanval doet op de rol van Koningin Wilhelmina en ‘haar regering’ in ballingschap, maar ook dieper in gaat op hoe het ambtelijk apparaat voor een groot deel tijdens de bezetting in takt bleef (denk daarbij zowel aan de directe rol van politie en marechaussee bij het oppakken van Joden, als de dienstbevelen vanuit provinciebesturen en ministeries aan gemeenten om Joden te ontslaan, registeren en te doen oppakken). Een ambtelijk apparaat dat dienstbaar werd gemaakt aan de vernietiging van de Joden. Van de Zee heeft het over hoe de “absolute normen van goed en fout, die tijdens de oorlog binnen de landelijke illegale bewegingen werden gehanteerd” na de oorlog niet gehanteerd konden worden, omdat te velen uit het overheidsapparaat de bezetters en de eisen die zij stelden wisten te ‘accommoderen’.

“Juist onder de mensen in de hoogste ambtelijke echelons bevonden zich de vele opportunisten, en juist die echelons werden over het algemeen ontzien en zijn ook later door de Parlementaire Enquête Commissie de hand boven het hoofd gehouden, terwijl alleen al het NSB-lidmaatschap voldoende was om in Westerbork geïnterneerd te worden.” [‘Om erger te voorkomen’, p.309]

— intermezzo —
Tijdens eigen onderzoek bij wat toen nog het RIOD heette (Rijksbureau voor Oorlogsdocumentatie), voor het maken van tentoonstellingen over de geschiedenis van Nieuwmarktbuurt en Waterlooplein, waar wij destijds tegen gedwongen verhuizingen en sloop voor city-vorming streden, was deze betrokkenheid van ook het gemeentelijk apparaat mij/ons duidelijk geworden. Zo werd ook op de zolder van het RIOD aan de Herengracht, na herlezing van Presser (De Ondergang, 1965) de kaart van het Gemeentelijk Bureau voor de Statistiek gevonden, die gediend had om het – uiteindelijk half open – joodse ghetto te vormen. Het zien van dat document kwam als een schok. Dat was in de vroege jaren zeventig. Later in 1987 ontstond zo een actie bij de opening van de nieuwe huisvesting van het Joods Historisch Museum, waar ik vlak om de hoek woon, voor het tonen van een voorbeeld van dat gemeentelijk kaartmateriaal dat instrumenteel was bij de jodenvervolging. Ik publiceerde toen een groot formaat manifest waarop die kaart herdrukt was, met een commentaar tekst, met deze verantwoording:

“Ook in het zojuist geopende Joods Historisch Museum heeft deze kaart geen plaats gekregen. Wel zijn er, in het verhoudingsgewijs zeer beperkte deel dat aan de vervolging In de tweede wereldoorlog is gewijd, de hiervoor genoemde verordening tot registratie van de joden en gemeentelijke formulieren tot uitvoering ervan te zien. Nu zijn er honderdduizenden documenten, die hetzelfde lot van in vergetelheid rusten in stoffige archieven beschoren is. Waarom nu juist dit document gereproduceerd?
-Omdat het in al zijn koele nauwkeurigheid vrijwel in een oogopslag de werking van de vernletlgingsmachlnerie toont.
-Omdat de huidige Informatiemaatschappij oneindig veel verdergaande mogelijkheden tot registratie, selectie en de daar op votgende uitschakeling en vernietiging heeft en deze kaarten je dat met een schok duidelijk maken.
-Omdat het hier een product van gewone keurige gemeenteambtenaren betreft, waardoor je des te meer beseft hoe diep de mogelijkheden tot onderdrukking en vernietiging besloten zijn In de ‘eigen samenleving’; hoe bedriegelijk het is al het kwaad aan herkenbare ‘gemeen ogende bruten’ toe te schrijven; hoezeer je zelf deel uitmaakt van zo’n ‘stelsel’.”

[Tijen, Tjebbe van. 1987. “Een bijdrage aan het Joods Historisch Museum: (oproep tot het opnemen van de kaart) “Verspreiding van de joden over de gemeente (mei 1941)”. Gepubliceerd als een bijlage bij het weekblad Bluf no.267 d.d. 29/4/1987.
https://imaginarymuseum.org/downloads/tt44EenBijdrageAanHetJoodsHisMuseum1987.pdf De Universiteitsbibliotheek Amsterdam heeft een exemplaar in haar verzameling http://www.worldcat.org/oclc/71517530]
— /intermezzo —

Het boek van Nanda van der Zee uit 1997 was dan ook geen geschrift dat diende om mij de ‘ogen opende’, maar wel een studie die omwoelde wat – na vele jaren eindelijk netjes toegedekt leek, dat blootlegde wat met pijn en moeite gereviseerd leek te zijn: de rol van Koningin Wilhelmina en haar vertrouwelingen die het lot van de Joden niet anders dan zijdelings van invloed lieten zijn op hun handelen. (In verband met het ontbreken van een index in het boek geef ik hier enkele referenties naar treffende passages: ‘Om erger te voorkomen’ over Wilhelmina: pagina’s 223, 231-234, 240). Het boek spreekt ook in detail over de hoge ambtenaren die het civiele bewind onder de Duitse bezetting vorm gaven en hun afkeer van alles wat sabotage of andere vormen van verzet te maken had (over Secretaris-Generaal H.M. Hirschfeld van Economische Zaken: p. 178, 193, 202- en 298; over Secretaris-Generaal Binnenlandse Zaken K.J.Frederiks die bijna tot op het laatst aanbleef, alsook over Secretaris-Generaal J.C. Tenkink van het Ministerie van Justitie: p. 204-, 288). Van der Zee haalt een ter illustratie oproep uit begin 1941 aan van deze functionarissen aan het Nederlandse volk, waarin – met besmuikte woorden – verzet en sabotage afgewezen wordt:

“De oorlogsomstandigheden plaatsen ons voor vele harde feite, welke aanvaard moeten worden. Wanbegrip voor hetgeen deze tijden ook van ons Nederlanders eisen, leidt alleen tot verderf.” [p.298]

Een van de eersten die de aanval op het boek van Van der Zee openende was de toen net als directeur van het NIOD aangereden historicus Hans Blom. Onder de kop “Een droevig boek” schrijft hij in het Historisch Nieuwsblad:

“In het algemeen staat het verhaal van de vlucht van koningin Wilhelmina, dat een prominente plaats in het boek inneemt als prototype van de met schuld beladen rol van de Nederlandse elite, zeer wankel. Het kan de toets der bronnenkritiek niet doorstaan. Volgens Nanda van der Zee liet Wilhelmina zich uitsluitend leiden door zorg voor de eigen veiligheid. De latere verhalen met een nobeler strekking waren pogingen de waarheid te verhullen.”
[Blom, Joahannes Cornelis Hendrik (Hans). Een droevig boek. Historisch Nieuwsblad; nr.2/1997. on-line: “http://www.historischnieuwsblad.nl/nl/artikel/5628/een-droevig-boek.html ]

“Toets der bronnenkritiek”? Maar legt Van der Zee niet juist in haar studie uit waarom er met name over Wilhelmina’s haar optreden onvoldoende bronnen zijn en en dat de bronnen die er zijn ernstige “mankementen” vertonen?

“De bijlagen, verhoren en verslagen van de PbC [Parlementaire enquête naar het regeringsbeleid in de Tweede Wereldoorlog, 1947-1956; tj.], vormen op tal van punten een rijke bron voor de historicus, maar mankementen zijn er ook. Allereerst is daar het feit dat men op grond van artikel 55 van de grondwet, ‘de koning is onschendbaar, de ministers zijn verantwoordelijk’, koningin Wilhelmina’s aandeel in het beleid niet heett getoetst. In Londen was er geen overleg mogelijk geweest tussen kabinet en parlement, zodat het overleg tussen het staashoofd en de ministers in die zin veranderde dat het staatshoofd een veel groter stempel op het beleid zette dan in normale tijden mogelijk was. Het was dus ter wille van de historische waarheid van wezenlijk belang koningin Wilhelmina persoonlijk in de enquête te betrekken. Maar integendeel, niemand van de ondervraagden mocht over haar spreken of zelfs maar aan de commissie vertellen wat hij met koningin Wilhelmina in Londen had besproken. Het moest toch ook van staatkundig belang worden geacht de rol te kennen van een staatshoofd, dat voorheen, zelfs mét parlementaire controle, verstrekkende kabinetsbesluiten hoogstpersoonlijk had ‘overruled’, temeer nu een periode werd onderzocht waarin die parlementaire controle had ontbroken?”
[Zee, Nanda van der. 1997. Om erger te voorkomen: de voorgeschiedenis en uitvoering van de vernietiging van het Nederlandse jodendom tijdens de Tweede Wereldoorlog. Amsterdam: Meulenhoff. ; p. 310. http://www.worldcat.org/oclc/782262483 ]

Tien jaar later is de controverse nog niet weggeëbd. Nu zijn het studenten van van Blom c.s. die in een passage en voetnoot van hun (duo) proefschrift de aanval op Van der Zee nogmaals inzetten en met een voetnoot verluchtigen waarin wél de sabelende kritiek, maar niet de prijzende of ondersteunende aangehaald wordt. Het gaat hier om een studie van Pim Griffioen en Ron Zeller, die ook een ander stokpaard uit de tijd van het NIOD-bewind van Blom, internationaal vergelijkend onderzoek berijden:

“Bij zijn aantreden als directeur van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie in 1996 formuleerde Blom nog eens nadrukkelijk de vernieuwingen in het onderzoek die hij voorstond, hoewel hij zich de hardnekkigheid van het goed-fout perspectief realiseerde: ‘Bij geschiedschrijving moet het gaan om het begrijpen en verklaren van gebeurtenissen, niet om het kwalificeren ervan. Maar mensen willen zelden een wetenschappelijk onderbouwde verklaring lezen, zij willen horen of iets goed of fout is geweest. De verklaring waarom uit Nederland het hoogste percentage joden is weggevoerd, beweegt het publiek niet. Het roept: het is schandelijk dat dit gebeurd is.’ (167) Het in 1997 verschenen boek van N. van der Zee is een kenmerkend voorbeeld van de al genoemde voortzetting van de moreel-geladen benadering. Ze schreef het opvallend hoge percentage joodse slachtoffers in Nederland – zonder enige internationale vergelijking – toe aan het vertrek van koningin Wilhelmina en het kabinet in ballingschap in mei 1940 en de weerslag daarvan op de houding van de achtergebleven bestuurders tijdens de bezetting. (168)”
[Griffioen, Pim, and Ron Zeller. 2008. Vergelijking van jodenvervolging in Frankrijk, België en Nederland, 1940-1945: overeenkomsten, verschillen, oorzaken. S.l: s.n.]. ; p. 32.1.  http://www.worldcat.org/oclc/275136663 ]

Dan volgt nog de voetnoot met opsomming van kritieken op Van der Zee, met weglating van andere reacties:

“Noot 168: Nanda van der Zee, Om erger te voorkomen. De voorbereiding [voorgeschiedenis] en uitvoering van de vernietiging van het Nederlandse jodendom tijdens de Tweede Wereldoorlog (Amsterdam: Meulenhoff, 1997). Hoewel de ondertitel een overzichtswerk suggereert, komen de Duitse bezetters en hun anti-joodse politiek niet of nauwelijks in het boek voor! Vergel. Johannes Houwink ten Cate, ‘De jodenvervolging zonder Duitsers. Nanda van der Zee doet de waarheid geweld aan’, Het Parool, 11 april 1997, p. 13; J.C.H. Blom, ‘Een droevig boek’, in: Historisch Nieuwsblad jrg. 6 (1997), nr. 2, pp. 4–5; Gie van den Berghe, ‘Het verleden tot last: Nederland en de jodenuitroeiing’, in: De Morgen, 26 juni 1997; Pim Griffioen, Ron Zeller, ‘Wilhelmina’s vertrek was geen vlucht’ [oorspr. titel: Vertrek van Wilhelmina was niet van wezenlijk belang voor hoge aantal joodse slachtoffers], in: NRC Handelsblad, 19 augustus 1997, p. 7.”[Ibid.; p. 32.2.]

Nog maar kort geleden was ik er getuige van hoe diep die haat tegen Nanda van der Zee gaat, toen ik het waagde bij een presentatie – bij de Universiteit van Amsterdam – van een nieuw boek over Gertrude van Tijn (betrokken bij de Joodse Raad) van de hand van Bernard Wasserstein (2), haar naam te noemen. Bij de vragenronde, plaatste ik een opmerking over de onbelichte rol in Wasserstein’s boek van van het gemeentelijke en landelijke ambtenarenapparaat bij de jodenvervolging. Verwees daarbij ook naar het boek van Nanda van der Zee. “Om erger te voorkomen”… hoongelach uit de zaal was mijn deel. En die hoon, niet zozeer van Bernard Wasserstein, maar van de aanwezigen, is in mijn geheugen blijven hangen. Het was een echo uit het jaar 1997. Zat daar bij die boekpresentatie anno 2013 niet de staf van het NIOD? Was daar ook niet een vertegenwoordiger van het Joods Historisch Museum? Hoe erg moet niet de afkeer bij die groep van het werk van Nanda van der Zee zijn, om enkel bij het noemen van haar naam, tot zulke uitbarstingen te komen? “Om erger te voorkomen” is de titel van dat boek, dat – voor de al te brave vaderlandse geschiedschrijving – gewaagde stellingen poneert en die ook weet te onderbouwen. Nu over dat laatste was, zoals altijd bij geschiedenisboeken, die zich niet wensen te conformeren aan de heersende ‘canon’, van het begin af aan veel te doen, De bronnen worden dan bekritiseerd als  “tendentieus benaderd”, “niet genoeg gespecificeerd.”

Met dat laatste kan ik het deels wel eens zijn, het bronnen-apparaat had uitgebreider kunnen zijn en de bronnen behoeven een meer uitgebreide context, ook een index ontbreekt, maar dat alles doet weinig af aan de lijn van haar bevlogen betoog. Ik heb altijd gehoopt op een latere, uitgebreidere, editie, soms hoorde ik via via daar wel eens iets over, maar voor zover ik weet is het daar niet van gekomen. Het boek is wel in het Duits, maar niet in het Engels vertaald en dat is eeuwig zonde. (3)

“Om erger te voorkomen” is een historisch geluid dat node gemist wordt in het land van de “De HuichelHollander”, met zijn selectieve morele verontwaardiging en zijn Tweede Wereldoorlog slachtoffer-kleed, dat hem slecht past.

Nogmaals de prent…
AMSnote7337.02

De prent toont vijf elementen:
1) Wilhelmina sprekend vanuit Londen via Radio Oranje, de spoorrails van de Nederlandse spoorwegen waarover die honderdduizend Joodse landgenoten vervoerd zijn via Nederlandse doorgangskampen naar de Nazi vernietigingskampen;

2) Spoorwegen/rails waar pas gestaakt werd – na een oproep van de Nederlandse regering in ballingschap in september 1944 – toen het ‘Abtransportieren voor het grootse gedeelte gedaan was;

3) een groep Joden met enkele schamele bezittingen staand bij een tramhalte op het Daniël Willinkplein (nu Victorieplein) verzamelpunt in Amsterdam-Zuid wachtend op de gemeentelijke pendel-tram naar het Muiderpoortstation, waar zij op de trein naar hun vernietiging gezet gaan worden, op een prachtige zonnige zondag, 20 juni 1943;

4) de beruchte kaart geproduceerd door het Gemeentelijk Bureau voor de Statistiek in februari 1941, waarop per statistisch buurtblok de aantallen joden en niet joden in blauwe cijfers voor Joden en rode cijfers voor niet-joden weergegeven worden, op de kop van de kaart van iets meer dan één vierkante meter, staat het heel visueel efficiënt uitgelegd, “ieder stip = 10 Joden”; het is een kaart waarover ik vele jaren terug voor het eerst las in het boek van Jacques Presser “De ondergang” (5), een kaart die NIET in het Joods Historisch Museum te zien is, maar wel sinds enige tijd in Het Verzetsmuseum, wat voor mij totaal onbegrijpelijk is, ook niet te zien in de Hollandse Schouwburg waar onze nieuwe generaties onderricht worden in de Holocaust;

5) het boek van Nanda van der Zee, dat al deze elementen en vele malen meer samenbindt; eer haar door het nog eens na te slaan, voor het eerst te lezen, of het anderen aan te raden. Hier is te vinden in welke bibliotheken het boek in Nederland en elders te vinden is: http://www.worldcat.org/oclc/782262483



Als u na het herlezen of lezen nog steeds vindt dat Nanda van der Zee het gedeeltelijk of geheel en al mis had, onderbouwt u dan – publiekelijk – uw argumenten tegen wat Nanda van der Zee betoogt. Enkel algemene kwalificaties en opmerkingen, zoals “controversieel” of “omstreden” zonder enig verdergaand blijk van kennis of verworven inzichten waar vanuit dat beweerd wordt, zijn niet meer dan uitingen van lafheid en een falen om het eigen verleden voortdurend vanuit talloze gezichtshoeken te durven bezien.

Geprecisieerde kritiek zou ons verder kunnen helpen inzicht te krijgen en het hoe en waarom van wat een jonge generatie historici “de Nederlandse Paradox” noemt…. (6)
—————————————–
Noten
(1) Het Parool 27/3/2014: “Historica Nanda van der Zee (62) overleden (…)”
https://www.parool.nl/nieuws/historica-nanda-van-der-zee-62-overleden~bde2d06a/
“Van der Zee schreef vijf boeken die allemaal de Duitse bezetting behandelen. – In het boek ‘Om erger te voorkomen’ verweet Van der Zee koningin Wilhelmina ‘grove nalatigheid’ vanwege haar vlucht naar Engeland. Door de vlucht maakte zij het voor de Duitsers mogelijk een civiel bestuur in te stellen, terwijl Hitler enkel een militair bestuur in Nederland voor ogen had. Hierdoor kwam het dagelijks bestuur in handen van de Duitse bezetter, wat de opsporing en vervolging van de joden makkelijker maakte. – De vlucht van de koningin was volgens de historica enkel in het belang van haar eigen veiligheid en werkte demotiverend voor de achtergebleven ambtenaren. Onder de nieuwe leiding van het Nazi-bestuur schikten zij zich naar de Duitse dictaten en in plaats van de vervolging tot een minimum te beperken, werkten zij mee aan de vernietiging van de joden.”
Deze tekst destijds in De Volkskrant:
https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/historica-nanda-van-der-zee-62-overleden~bde2d06a/

(2) Wasserstein, Bernard, Toon Dohmen, and Marianne Tieleman. 2013. Gertrude van Tijn en het lot van de Nederlandse Joden. [Amsterdam]: Nieuw Amsterdam Uitgevers. http://www.worldcat.org/oclc/843441946

(3) “Um Schlimmeres zu verhindern…” : die Ermordung der niederländischen Juden: Kollaboration und Widerstand. http://www.worldcat.org/oclc/1142151890

(4) Een enkel voorbeeld van het gemis van een Engelse vertaling van “Om erger te voorkomen” is een meer algemene studie over ‘militaire bezettingen’ van de hand van Peter M.R. Stirk uit het jaar 2009, waarin natuurlijk ook de door Van der Zee geanalyseerde ‘civiele bestuursstructuur van de bezette Nederlanden tijdens WWII’ aan de orde komt. Hierbij worden wel Gerrit Hirschfeld en J.C. Blom aangehaald, maar mist iedere referentie naar haar werk. Dat is spijtig omdat juist haar controversiële benadering, bij zo’n bredere studie tot meer diepgang had kunnen leiden.

“The introduction of civilian administrations into occupied Netherlands and Norway during the Second World War was not constrained by international agreements and was driven by an even more radical, and futile, political ambition. In both cases, the administrations – headed by a Reichskommissar, Terboven in Norway and Seyss-Inquart in the Netherlands – were intent upon a replication of the ‘legal revolution’ that they believed had led to the Nazi seizure of power in Germany and which was supposed to prepare these Germanic peoples, as they saw them, for incorporation into a Greater Germanic Reich. (30) [bold text by me tj.] Both were aware that the indigenous national socialist movements, led by Vidkun Quisling and Anton Mussert respectively, were small and bitterly opposed by many of their fellow nationals. Both were also aware that they had to maintain a diffi cult balance. Seyss-Inquart, for instance, was torn between the competing pressure of ‘the far reaching suppression of all possible forms of public activity’ in the interests of the security of the occupier and the desire to ‘awaken and control the political will . . . to concede such freedoms as will make the fi nal result into a decision which the Dutch have made for themselves’.(31)

31. Quoted in Gerhard Hirschfeld, Nazi Rule and Dutch Collaboration (Oxford: Berg, 1988), p. 56. See also Seyss-Inquart’s proclamation of 14 May 1940, in Raphael Lemkin, Axis Rule in Occupied Europe (Washington, DC: Carnegie Endowment for International Peace, 1944), p. 448. http://www.worldcat.org/oclc/1138941903

Blom is referred to in a short passage on the ‘Nederlandse Unie’ and it’s failure.
32. Hirschfeld, Nazi Rule and Dutch Collaboration, pp. 73–4. On the idea of renewal, see J. C. H. Blom and W. ten Have, ‘Making the New Netherlands: ideas about renewal in Dutch politics and society during the Second World War’, in M. L. Smith and Peter M. R. Stirk (eds), Making the New Europe (London: Pinter, 1990), pp. 87–97.”
[Stirk, Peter M. R. 2009. The politics of military occupation. Edinburgh: Edinburgh University Press. site.ebrary.com/id/10367669. ; p. 102. http://www.worldcat.org/oclc/608504012 ]

“Seyss-Inquart had also sought to attain his goal through reshaping the institutional and, even more so, the associational structure of Dutch society. Formal governmental structures, aside from the representational bodies, remained relatively unaffected. As in the military government of occupied Belgium, German General Commissars operated through the Secretary-Generals of the Dutch ministries, endowing the latter with enhanced powers. (34)
– Noot 34: ” 34. Werner Warmbrunn, The Dutch under German Occupation 1940– 1945 (Stanford, CA: Stanford University Press, 1963), pp. 36–7.” [Ibid.; p. 103.]

(5) “Soms kan men duizelen: op een ervan [kaarten gemakt in opdracht van de Duitse bezetter tj.] in mei 1941, samengesteld door het Gemeentelijk Bureau van Statistiek te Amsterdam, staan de Joden met blauwe, de niet-Joden met rode cijfers in de verschillende buurten, op een andere, van hetzelfde bureau, in dezelfde maand, de Joden met rode, de niet-Joden met blauwe; op de laatste in zwarte cijfers bovendien de percentages, op de eerste stippen, die tien Joden aangeven, hetgeen de dichtheid illustreert. In september maakt Publieke Werken weer een andere kaart; het ghettorapport, hierboven genoemd, nog eens een andere. Herzberg legt o.i. terecht een zeer nauw verband tussen het ghettoplan van begin 1941 en de instelling van de Joodse Raad; zij zouden samen te voorschijn moeten komen uit de door de bezetters toen geschapen situatie.”
[Presser, J. 1965. Ondergang; de vervolging en verdelging van het Nederlandse Jodendom, 1940-1945. ‘s-Gravenhage: Martinus Nijhoff. ; p. 393. http://www.worldcat.org/oclc/26106072 ]

(6) In weerwil van de door het NIOD gesanctioneerde Nanda van der Zee kritiek – lees ik in latere Nederlandse academische studies frequent passages, die impliciet standpunten – ingenomen door Nanda van der Zee – onderschrijven. Zelfs in werken die expliciet “Om erger te voorkomen” aanvallen. Vaak is de kritiek niet meer dan een uitvloeisel van de in 1983 door J.C.H. Blom ingezette methode-strijd onder WWII historici “In de ban van goed en fout? Wetenschappelijke geschiedschrijving over de bezettingstijd in Nederland” (Bergen; Octavo). Hierin wordt de eerdere generatie historici van o.m. De Jong, Herzberg en Presser, met terugwerkende kracht “verweten” een al te zeer moreel standpunt uit te dragen, al te emotioneel te zijn en de focus enkel op het bezette Nederland gericht te hebben, zonder vergelijkingen te maken met andere door de Nazis’ bezette landen in Europa, alsook een historisch theoretisch raamwerk te ontberen.

[NB Hier komen dan nog – om bovenstaande te staven – een reeks citaten uit een aantal van zulke studies, waarin naar verklaringen gezocht wordt voor wat wel aangeduid wordt als “De Nederlandse Paradox” (hoe het hoge aantal joodse slachtoffers te begrijpen in een land dat als niet-anti-semitisch bekend stond). tj. 29/3/2014]

– Henk Flap. 2001. Wat toeval leek te zijn, maar niet was: de organisatie van de jodenvervolging in Nederland. Amsterdam: Het Spinhuis.
http://www.worldcat.org/oclc/237521486

– Croes, Marnix, and Peter Tammes. 2004. ‘Gif laten wij niet voortbestaan’: een onderzoek naar de overlevingskansen van joden in de Nederlandse gemeenten, 1940-1945. Amsterdam: Aksant.
http://www.worldcat.org/oclc/783169182

– Griffioen, Pim, and Ron Zeller. 2008. Vergelijking van jodenvervolging in Frankrijk, België en Nederland, 1940-1945: overeenkomsten, verschillen, oorzaken. S.l: s.n.]. ; p. 32.1. http://www.worldcat.org/oclc/275136663

AMSnote7332.05
50 – 70 = HENK KROL -20
ouderendiscriminatie is met de coronacrisis orde van de dag maar 50PLUS “een partij die in het bijzonder opkomt voor de belangen van mensen van 50 jaar en ouder” [Wikipedia] hield zich liever bezig met de strijd en bestrijding van ego’s, macht en extra bijverdiensten in de eigen gelederen, dan met de belangen van hen die zij zeggen te vertegenwoordigen. Nu zetelroof een kenmerkend element van “onze” parlementaire democratie geworden is mocht het niet verbazen, dat Henk Krol (bekend van de pensioenroof van medewerkers aan zijn in verval geraakte onderneming de Gay Krant) sinds lang lijdend aan ‘dyscalculie’ (rekenstoornis)… dat Henk Krol die als partijleider de partijtwisten niet te baas wist te komen, simpelweg naar voren vluchtte, weg van het debacle waarvoor hijzelf medeverantwoordelijk is (zoals recentelijk het binnenhalen van de politieke brokkenpiloot Geert Dales als partijvoorzitter).

Dat negatieve getal -20 denk Henk Krol (geboren 1 april 1950) nu te compenseren door samen met een andere zetelrover uit het parlement Femke Merel van Kooten-Arissen (ooit gekozen als volksvertegenwoordigster voor de Partij voor de Dieren in 2017 en verdergaand als ZZP-kamerlid sinds juli 2019) een nieuwe partij op te richten, PARTIJ VOOR DE TOEKOMST. Femke – geboren in november 1983 – brengt het positieve getal van 36 in. 36 – 20 = 16 dat kan zelfs Henk Krol nog wel uitrekenen.

Nu zit 70plusser Henk Krol zelf niet opgehokt in een ‘verzorgingshuis’, hem treft geen ‘ophokplicht’, dus waarom zou hij zich voor deze groep inzetten in deze tijd waar ‘oud zijn’ niet UIT gaan is. Blijkens een foto in het Algemeen Dagblad van vandaag (*) vat Henk Krol – breed lachend – DE JEUGD (met Femke Merel van Kooten-Arissen als attribuut) bij de schouders en “start met de Partij voor de Toekomst”. (**)

Henk Krol kan dan wel niet goed rekenen, maar berekenend is hij wel.


AMSnote7332.06
(*) De krant vermeldt niet of deze foto -met een afstand tussen twee generaties (geen directe familie) en toch met een afstand van minder dan anderhalve centimeter – recent is of van pre-corona datum. https://www.ad.nl/politiek/henk-krol-verlaat-50plus-start-met-partij-voor-de-toekomst~a02a5a35/


AMSnote7332.08

(**) “Berekenend” zo kenmerkte ik Krol al en zoals uit de stukken in het AD van vandaag blijkt is er zelfs als een logo voor de nieuwe partij van Krol, waarbij obligaat een stralende – gele – zon (“morgenstond heeft goud in de mond”) aan de horizon staat… of is het de rijzende zon van het Cornonavirus?


AMSnote7333.10

De Volkskrant 3/5/2020: “PvdT-leider Johan Vlemmix staat ‘helemaal’ achter het voornemen van Henk Krol om de Partij voor de Toekomst (PvdT) op te richten. Toen de leider van 50+ de Brabantse zanger, horecaondernemer en bon vivant afgelopen week belde om te overleggen over de partijnaam, werden de twee het snel eens.”

De naam Partij voor de Toekomst (PVDT) bestond al eerder, een tot twee maal toe mislukt initiatief van Eindhovenaar Johan Vlemmix, waarover Omroep Brabant in 2017 schreef:

EINDHOVEN – Vier jaar geleden was het een iPad voor alle Nederlanders. Nu wil Johan Vlemmix door middel van sexy posters dan eindelijk die zetel in Den Haag naar zich toe trekken met zijn Partij voor de Toekomst. En ja, die halfnaakte vrouw staat ook op de kieslijst. GESCHREVEN DOOR Stephen Bell Ze heet Veri en is volgens Vlemmix helemaal klaar voor de nationale politiek. “Ze heeft heel veel studies gevolgd”, aldus de lijsttrekker van de Partij van de Toekomst. Met zijn partij probeerde Vlemmix de afgelopen drie verkiezingen tevergeefs de politiek in te stappen. “De aanhouder wint. Ik heb ook 150 liedjes uitgebracht, waarvan maar eentje een hit is geworden. Zo kan het gaan,” aldus de Eindhovenaar.


Eigenlijk is de ‘Urheber’ van de naam de Vlaamse econoom, avonturier, zakenman, anarcho-kapitalist en libertijns politicus Jean-Pierre van Rossum (1945-2018) die in het jaar 1991 een eigen partij oprichtte die uiteindelijk ROSSEM ging heten (een backroniem voor Radicale Omvormers en Sociale Strijders voor een Eerlijker Maatschappij). Verkezingsleuze “Geen Gezwijn Stem Libertijn”… de partij haalde toen 196.052(3,25) van de stemmen, goed voor één zetel in de Senaat. In 2009 was er sprake van een herconfiguratie van de partij die rondom de persoon van Van Rossum, eerst kwam de naam “Libertaire Vrijheid Partij: op, toen Partij van de Toekomst (PvdT), er zijn destijds televisieuitzendingen en interviews geweest waarbij die naam gevoerd werd en zo zal waarschijnlijk de minder succesvolle na-aaper Johan Vlemmix uit Eindhoven in 2017 op het (weinig originele) idee gebracht zijn.

AMSnote7335.07


Er is nog een tweede voorloper in het Vlaamse van ‘De Partij voor de Toekomst’, uit het jaar 2012, product van een komisch duo Jimmemans uit Laakdal, dat “in het kader van de gemeenteraadsverkiezingenvan oktober 2012” een viertal filmpjes maakte, voor die partij… die associëren met persiflages als ‘Jiskefet’ (VPRO) en Koefnoen (AVRO), maar dan met nog een paar scheuten meer kneuterigheid.

rb1950_boekpresentatie-Jan-Kuijt_small

rb1950_boekpresentatie-Jan-Kuijt_long-small

Presentatie in 2018 van Radboud van Beekum’s boek “Architect Jan Kuijt Wzn. 1884-1944
bouwen voor Vroom & Dreesmann” {klik – pal hiervoor – link naar de inleiding en een flink aantal fraaie pagina’s van het boek} in ARCAM galerie te Amsterdam, waarbij Radboud het eerste exemplaar geeft aan de zoon van architect Jan Kuijt en een tweede aan Wim Vroom (2013-2019), vroeger curator van het Rijksmuseum Amsterdam, telg uit het familiebedrijf Vroom en Dreesman. Wim Vroom – directeur Nederlandse geschiedenis bij het Rijks – had met Radboud samengewerkt bij de herinrichting van het Rijksmuseum, was ook redder van de V&D archieven die bij het bankroet van de firma verloren dreigden te gaan, hij stimuleerde Radboud om onderzoek te doen naar de kenmerkende architectuur en vormgeving van de Vroom en Dreesman warenhuizen. Het werd Radboud’s laatste boek. Deze beeldstrook is gemaakt van screenshots van een video-opname van Frank Smit bij die gelegenheid. Klik op het plaatje voor een uitvergroting.

Op tweede Paasdag overleed geheel onverwacht ontwerper, architect en publicist Radboud van Beekum aan een hartstilstand tijdens zijn retraite in Zutphen. Radboud was gedurende 35 jaar mijn benedenbuurman in het fameuze hoekhuis Nieuwe Amstelstraat/Waterlooplein. Als in memoriam maakte ik in de vroegste ochtenduren van de dag waarop hij begraven zou worden deze momentane traploper voor het trapdeel dat wij drie en een half decennium deelden. De tekst op de papieren traploper heb ik ‘in situ’ geschreven en later opgevouwen om bij zijn begrafenis in Zutphen weer uitgevouwen te worden. Een ieder die meer wil weten over de ontwerpen en publicaties van Radboud van Beekum vindt dat op zijn Wikipedia pagina en een overzicht van zijn werk op de website van het Louis Kalff Instituut – erfgoedcentrum industriële vormgeving. Over Radboud als publicist schreef Tjeerd Boersma die jaren met hem samenwerktevlak nadat hij het bericht van Radboud’s overlijden kreeg spontaan  een eigen in memoriam waarin ook de ondervonden tegenwind in het vaarwater van architectuur publicaties gememoreerd wordt.

rb1950_traploper_02
OUVERTURE BIJ DE MAT OP I HOOG
traploper voor Radboud van Beekum
zijn laatste gang door dit trappenhuis
Nieuwe Amstelstraat 68-72 (voorheen 32) Amsterdam
van I hoog boven naar begane grond beneden
geschreven door zijn bovenbuurman
in de vroegste ochtenduren van de dag
dat bij begraven wordt
een heel stuk verderop
in Zutphen

TREDES
1
hoeveel treden zijn het ook weer?
hoeveel malen zijn zij betreden?
door wie allemaal?
de trap weet het!

2
het huis werd in 1928 ontworpen door A.D.N. van Gendt
nog geen honderd jaar geleden
een nieuwe vestiging van de Twentsche Bank
in het hart van de levendige Jodenbuurt

3
de kluis zat in de kelder
de loketten iets boven straatniveau ingang Waterlooplein
een binnentrap naar kantoor en bedrijfskantine op I hoog
daar kwam Radboud te wonen in 1985 ik woonde er al sinds 1975

4
de bankvestiging werd in januari 1940 opgeheven
de crisis van de 20er en 30er jaren moet daar
debet aan zijn geweest

5
“Die Gode gehoorsaamt, gehoorsamen de elementen” (*)
staat in steen geschreven in de gevelsteen boven de ingang
Nieuwe Amstelstraat 32, dat is het oude nummer
later hernummerd per verdieping: 68 tot en met 72

6
nummer 68 is enkel een grote deurmat achter de voordeur
foutje van een ambtenaar
bezorgde ons jaren spookbelastingaanslagen
Radboud koos nummer 70, ik 72

7
archieven vertellen ons wie er in de woning op II en III hoog woonden
Friedrich Richard Neundorf, Gerardus Stroker, August Volkstedt
waarschijnlijk vlak voor de oorlog
1941 kwam het pand binnen het het door de Nazi’s verordonneerde ‘Judenviertel’

8
over deze trap liepen tussen 1942 en 1943 Levie Cohen, zijn vrouw en dochter (verbannen van het Westeinde) en Gertrude van Tijn en haar dienstmeisje Lucie Asscher (verbannen van de Keizersgracht)

9
Enkel Gertrude van Tijn overleefde de vernietingskampen
in 2013 verscheen haar biografie van historicus Bernard Wasserstein
waarin zij een razzia in 1943 beschrijftdie zij ziet, staand in de erker van I hoog

10
verleden jaar nog schreef Radboud enkele artikelen
als onderdeel van het debat over vorm, plaats en betekenis
van een nieuw monument voor de Amsterdamse slachtoffers van de Holocaust

11
deze traploper doorloopt de tijd niet geheel chronologisch
nu een stap terug in de tijd na de oorlog toen het hele pand
van 1947 tot 1975 in gebruik kwam bij diamantslijper en goudsmit Jacob Sibelee, op I hoog was de slijperij…

12
wij – actievoerders die eerst gekraakt hadden in de Nieuwmarktbuurt –
kregen in 1975 het pand “tijdelijk” toegewezen na onderhandelingen
met wethouder Lammers toen wij bezweken voor politie-overmacht

13
het pand stond op de gemeentelijke slooplijst ten behoeve van een nieuw hoofdkantoor van de Bond van Nederlandse Architecten
die plannen wisten wij te keren, de oude bebouwing werd gered

14
het hoekpand Waterlooplein Nieuwe Amstelstraat is nu zelfs
verklaard tot gemeentelijk monument
nooit kregen wij een bedankje

15
Martijn Luns en Cuneke Mertens woonden destijds aan de Waterlooplein-kant
de Nieuwe Amstelzijde deur en trap zag vele bewoners: Thea en Harold en later Ellen Coersen op één hoog,  Josien Eissens en haar zoon Michiel Brinkman en ik op twee hoog (later Mira Oklobdzija en mijn dochter Lena van Tijen, weer later met Stephanie Benzaquen); Gerd Caarls op de derde, later midden tachtiger jaren kwam daar Bas Moreel…

16
zo kwam – heb ik het jaar goed? – in 1985 Radboud op de trap wonen
in die tijd deden wij de verdeling van de woonruimte in het pand nog zelf

17
een buurman die erg op zichzelf wenste te zijn bleek al gauw
maar gemeenschappelijke interesse in architectuur en stedebouw vormde een ‘trait d’union … voor een praatje op de trap… “kom even binnen” was er bij Radbout niet bij

18
dat veranderde pas na 2016 toen wij samen met Frank Smit regelmatig werkten aan het archief van onze gemeenschappelijke vriend de architect Dik Tuijnman, overleden in 2016

19
in die periode werd Radboud van ontwerper tot onderzoeker een graver in archieven … zo kwam hij met enige regelmaat even boven in mijn studio en wisselden wij informatie uit

20
vergeten sleutels, haperende deurbellen, ongewenste bezoekers die inbrekers bleken te zijn, een rokend droogkokend pannetje op het vuur, de volgorde waarin onze fietsen achter de voordeur gestald werden

21
gedeelde trappenhuizen leggen altijd verbindingen
ook al zei Radboud nooit iets over zijn persoonlijk leven toch kende ik zijn gemoedsgesteldheid … als hij zingend de trap op of af ging gin het hem goed

22
soms waren er lange periodes zonder enig gezang
en ook was hij met grote regelmatig niet thuis en liet ons achter als de bedienden van de brievenbus waar toch elke dag de NRC in viel

23
een jaar of zo terug was hij zo lang weg dat ik mij zelfs ongerust maakte
toen ik via Cuneke informeerde waar hij toch gebleven was
kwam er bericht uit Zutphen … ah hij was nog in leven en hij had er een nieuwe liefde

24
zo kwam het dat zoon Erik in de afgelopen weken tijdens de corona-quarantaine degene was die de trap op en af ging omdat zijn nieuwe huis niet af was – zelfs een boodschap voor mij deed – totdat ik per email van de dood van mijn buurman hoorde

EPILOOG OP DE DEURMAT BIJ DE VOORDEUR:
we zijn nu onder aan de trap
die ruikt naar bleekwater in dit coronatijdperk
straks bel ik Cuneke
die sinds 1984 even verderop in de Nieuwe Amstelstraat woont…
de traploper is afgelopen
Cuneke neemt ‘m mee maar zijn begrafenis in Zutphen.

In mijn hoofd blijft Radboud mijn buurman
– 24 treden omhoog vanaf de straat
– 18 treden naar beneden vanaf mijn woning
daar gewoon wonen, zei het heel stil …………..

Ik beloof dat ik voortaan – als ik in een goede bui ben – zingend de trap op en af zal lopen…

Tjebbe van Tijen 17/4/2020, 8 uur in de ochtend
rb1950_traploper_03

rb1950_traploper_05

rb1950_traploper_04

De als leporello opgevouwen traploper wordt opgehaald door Cuneke Mertens, zus van Radboud’s echtgenote Josine Mertens, zij zal aanwezig zijn bij de begrafenis in Zutphen waar in een wijde kring bij het graf stilgestaan zal worden.

AMSnote7310.06

De traploper op de begraafplaats in Zutphen waar twintig mensen in een kring om het graf Radboud van Beekum ter aarde bestelden.

 


 

rb1950_traploper_07


(*) Op de gelinkte pagina van de gevelstenen-vereniging staat:

“Wij waarderen de steen nu als een prachtig voorbeeld van laat 17de-eeuwse toegepaste beeldhouwkunst. In 2013 is het enigszins aangetaste en vervuilde oppervlak door Wil Abels gereinigd en subtiel in twee tinten geschilderd.”

Dat is een halve waarheid. Op een dag in dat jaar deed ik de voordeur open en liep bijna pardoes tegen een schildersladder op, daarop stond een man met aan de stijlen van zijn trap enkele potten met verf en kwasten. Ik wist van niets en al snel bleek dat de man in opdracht van de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Gevelstenen daar aan het werk was. Toen ik op de stoep stond naast de schilder zag ik dat hij bezig was de net schoongemaakte gevelsteen te ‘polychromeren’. De zonnestralen hadden al een vrolijke gele kleur en de maan was zilver. “Wilt u daar onmiddellijk mee ophouden” zei ik tegen de man, die gewoon weer zijn ladder beklom, want zoals hij zei “opdracht is opdracht.” Ik was maar een huurder en de stichting had toestemming van de eigenaar van het pand Ymere. Deze had zich niet verwaardigd ons te informeren, laat staan om advies te vragen. Kort en goed ik moest de ladder dreigend vastpakken voordat de schilder ophield en bereid was te wachten op de komst van de voorzitter van de stichting, opdat ik hem mijn bezwaar tegen het tot een kleurplaat maken van dit bas-relief kon uitleggen. Ik ben best bekend met het feit dat gevelstenen – zo ook beeldhouwwerken uit de klassieke oudheid – vaak kleurig geschilderd werden werden, maar in dit geval vond ik het een aantasting van de gevelsteen. De plasticiteit van het beeldhouwwerk zou worden opgeofferd ten faveure van het anekdotische karakter van de afbeelding. In zijn naoorlogse wandelingen door de gehavende jodenbuurt schrijft Jaap Meijer (1912-1993) in een artikelenreeks voor het Nieuw Israelisch Dagblad, later gebundeld in het boek “Het verdwenen ghetto” (1958) op pagina 36 over de steen:

“Rechts van U een zeldzaam mooie gevel­ steen uit plm. 1650, af­komstig van het Waterlooplein. Het opschrift „Josue — Dien Gode gehoorsaamt, gehoorsaemen D’elementen”, een tekst volgens het verhaal in Jozua 10. „Het is een onzer prach­tigste gevelstenen, een als ‘t ware in steen gesneden gravure en klaarblijkelijk — als zovele reliefs — naar een oude prent gebei­teld”, aldus Alings in zijn aantrekkelijk boekje.” 
[H. W. Alings: Amsterdamsche Gevelsteenen, Amsterdam1943, (serie Heemschut) pag. 35/36, het hele boek kan op deze site van dejoodsebiblotheek.nl gedownload worden]

Dat oorspronkelijke boek op slechte kwaliteit naoorlogs schaarste papier met zwart/wit foto’s van Boris Kowadlo (1911-1959) ademt een sfeer van historische vertwijfeling, zo ook de vele grijsgrauwe foto’s van de buurt en straat van na de oorlog in de historische beeldatlas van het wat ooit het Gemeentearchief heette.  Bij het vele onderzoekswerk dat ik in de loop der jaren in archieven deed –  over deze buurt – zijn die grijswaarden in mijn beeldgeheugen gebrand. Een opgeleukte gevelsteen past daar niet in… en zo geschiedde, na een urenlang straatdebat beklom Wil Abels weer zijn trap, verwijderde de al aangebrachte kleuren en werd de steen zoals deze nu nog te bewonderen is.

 

AMSnote7281.10

AMSnote7278.06
– een paas-prent over vergankelijkheid en de twijfel over de de mogelijke wederopstanding van Jort uit zijn grafKelder nadat ook zijn tijd gekomen is, of denkt hij dat hem het eeuwige leven beschoren is.

Ondertussen blijven de publieke omroepen deze 21ste eeuwse ‘sociaal darwinist’ en pleger van leeftijdsdiscriminatie een podium bieden. (sociaal darwinisme = overleving van de sterksten volgens de leer van Herbert Spencer (1820-1903) die zijn eigen interpretatie gaf aan de studie van Darwin “The origin of the species” (1859) en deze gebruikte voor zijn elitaire economische theorie.

Voorts zijn de ‘premisses’ over wie wel of niet meetbaar of onmeetbare besmet was is of wordt, kortom de statistieken waar Jort Kelder zijn redenering op bouwt, volstrekt onbetrouwbaar, iedere medische statisticus houdt een slag om de arm, en verklaart dat wat gezegd wordt niet meer dan hypothesen kunnen zijn. Vooral hierin schuilt het gevaar van statements zoals die van beroepsbabbelaars als Jort Kelder, die keer op keer die te onpas en te onpas een landelijk mediumpodium waaraan wij allen meebetalen geboden wordt.

Referentie TV gids intro: “Jort Kelder is een van de weinigen die momenteel zijn minder populaire mening over de coronamaatregelen nog durft te laten horen. Hij maakt zich zorgen over de economie en vreest dat die onnodig hard getroffen wordt..”
~
Jort Kelder:
“Wat als je die 81% van de mensen die niet of nauwelijks last hebben van het virus gewoon laat doorleven?”

TV gids: “Bejaarden minder belangrijk voor economie
Hij denkt dat die grote groep gewoon hun werk moeten kunnen doen en vervolgt…”

Jort Kelder:
“Die bejaarden die nu doodgaan, god hebbe hun ziel, maar die zijn voor de economie in die zin minder belangrijk. Dat zijn mensen met pensioen.”
~
https://www.gids.tv/video/194641/jort-kelder-over-coronamaatregelen-bejaarden-minder-belangrijk-voor-economie-video
===
ik geef ook nog even dit meldpunt voor gevallen van leeftijdsdiscriminatie van omroepMAX: https://www.maxmeldpunt.nl/topic/leeftijdsdiscriminatie/


Deze tekst publiceerde ik eerst op Facebook op tweede Paasdag en één van mijn Facebook contacten reageerde met:

“Is het belangrijk om je over Jort Kelder op te winden? Clowns hebben we ook nodig, toch?”

Ik reageerde met:

“beroepsbabbelaars als Jort Kelder – op 2e paasadag zag ik hem bij het zappen weer zitten wachtend op zijn podiumplaats in een VARAbabbeltafelprogramma samen met een viroloog die in dienst van de NPO lijkt te zijn – beïnvloeden wel degelijk het publieke debat… de gruwel is wellicht dat wij door clowns geregeerd worden. Niet voor niets zijn er velen die clown ‘eng’ vinden.”

Facebook-contact:

“Juist een beroepsbabbelaar. En inderdaad geregeerd te worden door een clown b.v. door Rutte lijkt meer om voor op je hoede te wezen.”

Mijn reactie:

“Dat zijn toch twee verschillende soorten clown die vriendjes… Kelder is het ‘etterbakje’ en Rutte is de ‘spreekstalmeester’ (“iemand die in een circus tot taak heeft de optredende artiesten en hun acts aan te kondigen”; ENSIE) Curieus is natuurlijk dat Rutte een meester is in de zichzelf aankondigende verkondiging.”

Facebook contact:

“Ach nee, zoveel macht heeft kelder toch niet; hij is een van de vazallen.”

Mijn reactie:

“his masters voice, saying what the master can not say… zoals bij de onnutte bejaarden… in de UK zijn er suggesties gedaan om pensioentrekkers te laten meebetalen voor de extra kosten om ze in leven te houden… let op mijn woorden… shoot this messenger (overdrachtelijk dan).”

>> ageism is unique in targeting our future selves <<

AMSnote7279.02

“HALF OF CORONAVIRUS DEATHS HAPPEN IN CARE HOMES, DATA FROM EU SUGGESTS”
The Guardian on Second Eastern Day 2020
~
Snapshot data from varying official sources shows that in Italy, Spain, France, Ireland and Belgium between 42% and 57% of deaths from the virus have been happening in homes, according to the report by academics based at the London School of Economics (LSE).
~
ref: https://www.theguardian.com/world/2020/apr/13/half-of-coronavirus-deaths-happen-in-care-homes-data-from-eu-suggests
——
“22 RESIDENTS OF BETH SHALOM CARE CENTER SUCCUMBED TO CORONAVIRUS”
Het Parool on Second Eastern Day 2020
~
The outbreak of the coronavirus in the Jewish care center Beth Shalom in Amsterdam-Buitenveldert has already caused 22 victims among the residents.
~
ref: https://www.parool.nl/amsterdam/22-bewoners-zorgcentrum-beth-shalom-bezweken-aan-coronavirus~b81457dc/
—-
European Commission President Ursula von der Leyen: “CORONAVIRUS: SENIORS WILL NEED TO LIMIT CONTACT FOR MONTHS MORE”

~
Europe’s senior citizens will need to continue limiting their contact with the outside world at least until the end of this year due to the novel Coronavirus (Covid-19) pandemic, according to European Commission President Ursula von der Leyen. // Without a vaccine, seniors’ contacts need to be limited as much as possible, especially those who live in nursing homes, von der Leyen was quoted as saying in Sunday’s edition of the German daily Bild. // I know it’s difficult and that isolation is a burden, but it is a question of life or death, we have to remain disciplined and patient,” she said.
~
ref: https://www.brusselstimes.com/all-news/106074/coronavirus-seniors-will-need-to-stay-put-for-many-more-months-eu-warns/

(*) Unlike other prejudices such as racism and sexism … ageism is unique in targeting our future selves
ref: https://www.theguardian.com/lifeandstyle/2018/sep/14/the-ugly-truth-about-ageism-its-a-prejudice-targeting-our-future-selves


post scriptum 1: the horror is also that in most cases it is not the neglect of the elderly by the staff, but the neglect in financing the elderly home facilities – from not enough and underpaid staff to lack of space and equipment – that can be pointed as the cause. Even worse in many cases the staff itself (and their relatives) have been put at risk for months with the coronavirus outbreak. On all levels of the care system for the elderly there was simply ‘no plan’ what to do in case of a contagious epidemic.

post scriptum 2: Machine translation of article in Het Parool 8 April 2020 with more details on elderly home The Jewish care center Beth Shalom in Amsterdam and the coronavirus outbreak, also nthe number of corona infections 900 in 2500 Dutch elderly care homes and proposed measures:
~
The Jewish care center Beth Shalom in Amsterdam-Buitenveldert is mercilessly hit by the coronavirus: fifteen residents have already succumbed, presumably as a result of a violent outbreak that started at the end of March.

Marc Kruyswijk8 april 2020, 8:57
In addition to the high number of deaths, 22 residents of Beth Shalom are currently suspected of corona. After an exciting period, the health of three or four residents seems to recover very cautiously. In total, the care center has 120 nursing home places.

Beth Shalom says it has seen a stabilization in the number of suspected infections since last weekend. In most cases, testing is no longer carried out in the care center, because there are departments where several cases have surfaced at the same time.

Close community
A Cordaan spokesman, of which Beth Shalom is a part, says he has no explanation for the fact that the corona virus was able to strike in this care center. “If you recalculate from the start of the outbreak, you have to conclude that the first contamination occurred when the doors were still open and many people walked in and out.”

The residents and the care staff form a close-knit community where many Jewish traditions are celebrated. It is not uncommon for visitors to come and go in the house.

There are more than fifty apartments on the first and second floors. People with dementia live on the third, closed floor and on the fourth, the somatic ward is home to several dozen residents. There are also more than sixty sheltered homes.

Auschwitz
The care center with a strong Jewish identity is home to many Jewish residents who have lived an eventful life. Some of them survived Auschwitz, many lost relatives during World War II. There are also people who went into hiding during the war. In the past few days, death reports have been sent out in the Jewish community.

The coronavirus outbreak now precedes Passover, one of the most important festivals in Judaism. Passover commemorates the end of Jewish slavery in Egypt and the exodus from Egypt. These events are central to Jewish ethos.

This Passover, however, the corridors of Beth Shalom are controlled by personnel in protective clothing. Residents are kept in their own departments and rooms as much as possible.

Follow everything about the coronavirus in our live blog .

Isolate on site
There are ‘corona centers’ for infected residents of nursing homes, says a letter of 41 pages that Minister of Health Hugo de Jonge sent to the House of Representatives on Tuesday evening.

These are temporary care locations for ‘cohort nursing’. That term refers to the isolation of people with a certain disease.

The locations must offer a solution for situations in which it is impossible to nurse infected residents in isolation in their own nursing home, the minister writes.

RIVM director Jaap van Dissel said in a briefing to the House of Representatives on Wednesday morning that at least 900 of the 2500 nursing homes in the Netherlands have reported corona infections. He also said that the number of infections among caregivers has been decreasing more recently than among other populations.

Professional association V&VN states that many nurses do not dare to go to work, for fear of contamination. More than a thousand reports were received in a week. These come largely from nurses and carers in nursing homes, and from neighborhood nurses who visit the elderly at home.

Most reports are about lack of protective equipment. Some say they visit clients with store-bought masks, firework glasses and household gloves. That is unacceptable, according to V&VN.

The professional association speaks of a ‘silent drama’ in nursing homes and district nursing.
~
ref: https://www.parool.nl/amsterdam/zorgcentrum-hard-getroffen-door-coronavirus-15-bewoners-bezweken~b9e53e31/

Oorspronkelijk gepubliceerd op 8 januari 2015 op mijn Flickr site (die sinds lang weer gecensureerd wordt omdat de inhoud van mijn 700 prenten aldaar tot ‘adult content’ door Flickr verklaard zijn en dus niet vrij (meer) toegankelijk op het internet… dat is weer een ander soort censuur (ik heb meerdere malen geprotesteerd en gevraagd naar welke prent dan aanstootgevend zou zijn) kreeg (Kafkiaans) nooit antwoord daarop!

AMSnote7143.07

DO NOT HUG CHARLIE HEBDO TO DEATH
Like it’s predecessor Hara Kiri (196-1969), Charlie Hebdo (1969-1981; 1992-) is a magazine that was & is “bête et méchant” (dumb and nasty). Large part of those who say to support it now – after the malicious murder of magazine staff and their police protectors – the indignation felt by many is mostly spontaneous and well intended (the exceptions are politicians who use their tactics of recuperation as always) but many of them, especially those outside of France have no idea what the magazine stood for.

Charlie Hebdo was against all forms of authority, not just that of muslim fanatics.Their satire was biting and directed at christian, jewish and political faith of all kinds as merciless as against islam fanatics. When I see all those priests of different religions coming out in support of Charlie Hebdo, one can know that it is circumstances that force them in taking such a position, one of them being to curtail islamophobia. Then I see all those demonstrators holding up placards with “Je suis Charlie” I know that many of them have hardly or never seen any of the radical cartoons and comics published by Charlie Hebdo.

When all those demonstrators want to be sincere about their unconditional support for freedom of speech, writing and drawing, they need to realise that freedom of expression does not flower in a climate of proclaimed “national or international unity”, however understandable such a reaction is.

Charlie Hebdo, will not rise from the ashes of the executed cartoonists, when it is hugged to death by supporters who do not really know what they are supporting.

Just imagine as I did this nice lady demonstrating in Nice with her placard “Je suis Charlie”… would she have hold up one of the covers of Charlie Hebdo, like this one?

“JE SUIS CHARLIE” misses the point (and is just a mechanical easy copy cat slogan)

YOU can NOT be CHARLIE

This is the original caption of this photograph (left hand version): “A woman holds a poster reading ‘I am Charlie’ with a rose, at a gathering in Nice, southeastern France, to express solidarity with those killed in an attack at the Paris offices of weekly newspaper Charlie Hebdo, Wednesday, Jan. 7, 2015. Three masked gunmen shouting ìAllahu akbar!î stormed the Paris offices of a satirical newspaper Wednesday, killing 12 people, including its editor, before escaping in a car. It was France’s deadliest postwar terrorist attack. (AP Photo/Lionel Cironneau)”

Oorspronkelijk gepubliceerd op 8 januari 2015 op mijn Flickr site (die sinds lang weer gecensureerd wordt omdat de inhoud van mijn 700 prenten aldaar tot ‘adult content’ door Flickr geclassificeerd zijn en dus niet vrij (meer) toegankelijk op het internet… dat is weer een ander soort censuur (ik heb meerdere malen geprotesteerd en gevraagd naar welke prent dan aanstootgevend zou zijn) kreeg (Kafkiaans) nooit antwoord daarop!

AMSnote7143.06

JE NE SUIS PAS CHARLIE…

THE TOTAL RECUPERATION / APPROPRIATION (1) OF THE RADICAL HERITAGE OF CHARLIE HEBDO…

… it will be with us for a while… and the more massive it gets, the more the soul of Charlie Hebdo will be twisted and commodified.

Most of the supportive crowds outside of France have NO idea with what was the ‘bad taste fun’ that Charlie Hebdo has been poking fro decades at ALL AUTHORITY… not just at authoritarian islamists. Those who have been vilified on many occasions by Charlie Hebdo take their revenge now by praising their dead former adversaries for their ‘courageous defence of the freedom of expression’: Sarkozy, Marine Le Pen, Hollande, …

10 staff members of Charlie Hebdo were executed and 2 policemen that were there to guard the editor in chief and the premises of Charlie Hebdo. (2) On a witness video that is circulating in all news media one can see how courageous one policeman tries to intervene and how he is shot down, point blank. We do not see – though – any placards in the huge crowds of people associating with these policemen, even when they were placed there to protect the anti-authoritarian cartoonists and their magazine.

We have come a long way from Mai 68 and the emblematic repressive role of POLICE as seen and depicted by the ‘soixante-huitards’ of that time.

JE SUIS CHARLIE is – indirectly – a take from a slogan of almost four decades ago “NOUS SOMMES TOUS DES JUIFS ALLEMANDS” or in one of the several variations ‘NOUS SOMMES TOUS INDÉSIRABLES” (we are all German jews/we are all undesired). (3) It was a slogan referring to one of the student leaders of the May 68 revolt Daniel Cohn-Bendit who was living in France but did hold a German passport. The right wing weekly ‘Minute’ and the French Communist Party leader George Marchais in ‘L’Humanité’ alluded to this student leader directly and indirectly as a foreigner – a German Jew – making trouble in France, be it for different ideological reasons. The French Minister of Interior Fouchet gave an order for Cohn-Bendit to be extradited and this triggered demonstrations and posters with the slogan mentioned before.

So let me act in the spirit of those times and counter the ‘recuperation’ of Charlie Hebdo with the weapon of the détournement, turning around or highjacking. Making a mirror image of “JeSuisCharlie”(4)

“NOUS SOMMES TOUS CE FLIC”, however far such a statement derivates from the ideological schemes of 68 with their posters of the hated clubbing riot-policemen, the Compagnies Républicaines de Sécurité with a Nazi SS sign on their typical round shield in those days: “CRS SS.”

“We are all this cop” we see at the moment he is, without mercy, given an extra bullet while he begs for his life.

Freedom of expression does not flower in a climate of proclaimed “national unity” as is staged now in France, however understandable such a reaction is. Charlie Hebdo, will not rise from the ashes of the executed cartoonists, when it is hugged to death.

Note made on 12/1/2015
I was relieved to find some expressions in social media and beyond that expressed concern for the policemen that have been executed as well in the Charlie Hebdo massacre. Like a twitter with a black placard and the text:

“Je suis Ahmed et Franck, policiers assassinés le 07 janvier 2015”
twitter.com/levrailambert/status/553149939732459520/photo/1

One of the more exceptional placards shown on Place deRépublique in Paris last week”

JE SUIS CHARLIE
JE SUIS AHMED
JE SUIS JUIF

( with twelve candles depicted at the bottom)
richardmillett.files.wordpress.com/2015/01/dscf5472.jpg


(1) Recuperation, in the sociological sense, is the process by which politically radical ideas and images are twisted, co-opted, absorbed, defused, incorporated, annexed and commodified within media culture and bourgeois society, and thus become interpreted through a neutralized, innocuous or more socially conventional perspective.

(2) Franck Brinsolaro, 49, police officer, was assigned as a bodyguard for Charb and Ahmed Merabet, 42, local police officer, shot in the head as he lay wounded on the ground outside. Taken from the latest Wiki on the massacre: “One of the gunmen runs toward the policeman, shouting in French, “Did you want to kill me?” The policeman answers, “No, it’s good, chief” [non c’est bon chef], raising his hand towards the gunman, who shoots the policeman in the head at close range. The gunmen leave and shout, “We have avenged the Prophet Muhammad. We have killed Charlie Hebdo!”
en.wikipedia.org/wiki/Charlie_Hebdo_shooting
fr.wikipedia.org/wiki/Fusillade_au_siège_de_Charlie_Hebdo

(3) – Jacques Poitou, has an excellent web page on the origin and further history of the slogan at: j.poitou.free.fr/pro/html/voc/cohn-bendit.html

_ the lettering “NOUS SOMMES TOUS” is copied from the original Atelier Populaire 68 poster, at this address: www.carnagecorp.com/pub/pictures/mai_68/1968%20mai%20nous…

Continue Reading »